1 - Twee Baarnaars

Terug

Toen wij in 1972 in Baarn kwamen wonen, ontmoetten we twee mensen die een belangrijke rol speelden in de start van de Atalanta Pers. De eerste was Herber Blokland. Onder het imprint Arethusa Pers gaf hij zelf boekjes uit. Ik was direct gefascineerd door wat hij deed en vroeg hem of ik een van zijn volgende uitgaven mocht vormgeven.Dat werd “Noces á Tipasa” van Albert Camus. Jaren later zei meesterdrukker Emile Puetmann tegen me: Als je eenmaal de geur van drukinkt in de neus hebt gehad, gaat die nooit meer weg. Ik heb de waarheid van die uitspraak toen al ervaren. Herber Blokland heeft me met het virus besmet.

Maar Blokland was een uitgever, geen ontwerper of drukker. Vandaar dat dit werk werd uitbesteed. Het drukwerk gebeurde in Woudrichem (zie afbeeldingen). Ik genoot van het geluid van de drukpers, van de geur van de inkt. Dat zou ik ook wel willen, dacht ik al snel. Het zou er eerder van komen dan ik toen kon vermoeden.
Met andere grafische technieken, de diepdruk en de lithografie, maakte ik kennis bij beeldend kunstenaar Jan Mensinga die ik ook via Herber Blokland had leren kennen. Met een zekere regelmaat bezochten we hem op zijn atelier. Ik genoot en had niet kunnen denken dat jaren later ook in mijn atelier een etspers en een lithopers zouden staan.

De andere voor mij belangrijke Baarnaar was de antiquair Herman Westerhof. Toen hij van Herber Blokland van mijn ‘ziekte’ had gehoord, trok hij me mee naar zijn opslag, wees op een klein degelpersje en zei, haast dwingend: “Neem mee.” Het daarop gedrukte bedankje was een nog onbeholpen poging om met de nieuwe aanwinst om te gaan. Maar al doende leert men.
Van het een kwam het ander en na veel trial and error rolde begin 1979 de eerste Atalanta-uitgave van dat persje: “Voedsel tot nadenken” (1.1.1).

De archiefmap van deze uitgave was zo goed als leeg. Ik trof er slechts twee velletjes van de uitgave in aan, één met het colofon van de uitgave, waarschijnlijk bewaard vanwege het eerste beeldmerk dat ik voor een Atalanta-uitgave maakte en toepaste; het andere met de tekst van de tweede aflevering.
Toen ik de tekst las, viel het me op hoe actueel de teksten die ik schreef 45 jaar later nog zijn. De tekst, gezet in de vorm van een kruis, luidde:


Al vroeg leren we zuinig te zijn op een horloge, een fiets of nieuwe schoenen. We worden belast met ….. Laten we het zo ver komen?!   (zie de afbeelding).


Maar ik vond nog iets terug. Het waren vier proefdrukken van litho’s, gemaakt door beeldend kunstenaar Jan Mensinga. We hadden hem via Herber Blokland leren kennen en kwamen met regelmaat op zijn atelier. Voor een van de eerste Atalanta-uitgaven wilde ik een boekje uitbrengen met een kort verhaal van mijzelf, geïllustreerd met litho’s van Mensinga. Om onduidelijke redenen is het niet tot een uitgave gekomen.
Het jubileumjaar 2024 vormde een mooie gelegenheid om dit plan alsnog te realiseren. Het verscheen 45 jaar later als uitgave 140. Lees hier (1.1.140) het hele verhaal over deze uitgave.

Terug
Pagina uit "Noces á Tipasa” van Albert Camus.
Noces á Tipasa” van Albert Camus - Colofon.
René Bakker kijk vol belangstelling toe hoe de inkt op de steen wordt gemengd.
Herber Blokland bij de draaiende pers.
Bedankje, gedrukt voor de schenker van het degelpersje.
Blad uit de uitgave "Voedsel tot nadenken".
Briefje van Jan Mensinga bij de eerste proeven van de litho's voor het verhaal van de boom.